Home
    Contact
    Thema's vanaf 2000
       2008
       2007
       2006
       2005
 

Thema's vanaf 2000 > 2006

| Mobiliteit (2006 - 5) | Gebruikersstad (2006- 4) | Smokkel (2006- 3) | Waterstad (2006- 2) | Terrorisme (2006- 1) |

Waterstad (2006- 2)

-- Bestel dit nummer hier. --

Tussen droom en daad
Esther Juurlink

Water staat volop in de belangstelling en wordt vaak belicht vanuit het perspectief van beleid, techniek en beheer. AGORA stelt de ruimtelijke en sociaal-culturele functie van water centraal. Niet als bedreiging, maar als kans voor ruimtelijke kwaliteit.


Een kleine stad in een buitendijks gebied ligt vrij in het water en beweegt mee op eb en vloed. De stad geeft zich over aan de dynamiek van de delta en wordt langzaam opgenomen in de verlanding. Zandbanken ontstaan en vormen de basis voor landaanwinning. Maar bij zeer zware stormen zal dit nieuw gevormde land weer worden weggeslagen en kan het proces van voren af aan beginnen. Dit is de Getijdenstad: een van de meest tot de verbeelding sprekende ontwerpen voor een nieuwe Hollandse waterstad, die vorig jaar zijn gepresenteerd tijdens de Internationale Architectuur Biënnale in Rotterdam. Het uitgangspunt van dit ontwerp is de gedachte dat de statische kustverdediging langzaam maar zeker moet worden vervangen door dynamischer vormen van kustbeheer.

Nieuwe eisen
Er gaat bijna geen dag voorbij of water is in het nieuws. De tsunami in Azië, de orkaan in New Orleans, maar ook op kleinschaliger niveau en dichter bij huis is water actueel. De gevolgen van langetermijntrends als de opwarming van de aarde – ‘het regent vaker en harder!’ – de stijging van de zeespiegel en de inklinkende bodem worden steeds prangender. Het zijn ontwikkelingen waar we natuurlijk al jarenlang van op de hoogte zijn, maar ze vragen steeds dringender om een antwoord op het gebied van waterhuishouding.
Generaties Nederlanders zijn opgegroeid met de gevaren van het wonen en leven in een delta. Maar de laatste vijftig jaar leken we dat te zijn vergeten. We waanden ons veilig achter hoge dijken, duinen en deltawerken. De strategie van kanaliseren, indammen en wegstoppen, waarmee we water beheersbaar maakten door het in feite ‘onzichtbaar’ te maken, lijkt niet meer te werken. Na het hoge water van 1993, 1995 en de wateroverlast van de jaren daarna werd duidelijk dat we anders met water moeten omgaan. Nederland is en blijft kwetsbaar, al worden de dijken twee keer zo hoog. De Architectuur Biënnale heette niet voor niets ‘De Zondvloed’.
De laatste jaren zie je het tij dan ook keren. Er worden nieuwe eisen gesteld aan het waterbeheer – dat ook een nieuwe naam heeft gekregen: watermanagement – en er ontstaan nieuwe inzichten. We moeten toegeven dat de strijd tegen het water niet te winnen is. We ontdekken dat we water juist de ruimte moeten geven, zowel de zee als de rivieren. Ook het maatschappelijk besef hiervan groeit, onder aanvoering van prominenten als kroonprins Willem-Alexander en weerman Peter Timofeeff: het gezicht van de landelijke campagne ‘Nederland leeft met water’ van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat. De rijksoverheid heeft in samenspraak met provincies, gemeenten en waterschappen het Waterbeleid 21e Eeuw ontwikkeld. Het doel van dit beleid is het water de ruimte te geven, voordat het die ruimte opeist. De te hanteren strategie bestaat uit drie elementen: 1) overlast in de toekomst voorkomen door nu in te grijpen, 2) inzetten van slimme combinaties van techniek en ruimte en 3) water opvangen in speciaal daarvoor bestemde gebieden, daar vasthouden en later gecontroleerd afvoeren.
Belangrijke projecten op het gebied van veiligheid en waterkwantiteit binnen dit beleid zijn Zwakke Schakels Kust, Deltaplan Grote Rivieren en Ruimte voor de Rivier. Zwakke Schakels Kust brengt de kustverdediging op peil. Het Deltaplan Grote Rivieren is gericht op een versnelde uitvoering van de geplande dijkversterkingen langs de rivieren. Tegelijkertijd wordt in het rivierengebied in het kader van Ruimte voor de Rivier gewerkt aan het verruimen van de rivierbedding, bijvoorbeeld door dijkverleggingen en het afgraven van uiterwaarden.
Lokale overheden zijn ook op zoek naar meer bergingsruimte voor overtollig regenwater. Vooral in de steden is de opvang en afvoer van regenwater, naast verbetering van de waterkwaliteit, een toenemend probleem. Oplossingen worden gevonden door regenwater via regenpijpen rechtstreeks de tuinen in te laten lopen, wadi’s in te richten voor opvang van regenwater, maar bijvoorbeeld ook door gedempte grachten weer uit te graven.

Proeftuinen
Een ander rijksinitiatief is dat op vijftien locaties in Nederland in de uiterwaarden mag worden gebouwd. Dit lijkt op het eerste gezicht tegenstrijdig. Hoe kan het dat we ons zorgen maken over de zeespiegelstijging, maar tegelijk toelaten dat we wonen in de uiterwaarden of pal aan de kust? De achterliggende gedachte, of beter gezegd wens, is dat hier nieuwe bouwkundige concepten en woonvormen worden ontwikkeld, die passen bij het wonen in een stedelijke delta. Bovendien hoopt men dat het de grote woningbouwopgave waar Nederland voor staat kan realiseren. Deze proeftuinen voor ‘waterproof bouwen’ zijn een kans voor de toepassing van innovatieve technieken en brengen hopelijk vernieuwende oplossingen voor zowel drijvende, varende als verankerde woonsituaties.
Met de omslag in het denken over de beheersing van het watervraagstuk zijn nadrukkelijk andere partijen aangeschoven aan tafel. Waar water voorheen het exclusieve domein was van ingenieurs en waterstaatkundigen, zijn nu landschapsarchitecten, stedenbouwkundigen en planners meer dan ooit nodig om de verregaande ingrepen met grote ruimtelijke consequenties letterlijk vorm te geven. De projectontwikkelaars hadden het natuurlijk allang ontdekt, getuige de enorme opkomst van nieuwbouwwijken waar je kunt ‘wonen aan het water’.
Veiligheid, beleid, inrichting en vormgeving zijn belangrijke aspecten van de actuele wateropgave. In dit themanummer wil AGORA echter een andere kant van de wateropgave belichten. Deze is immers vooral ook een culturele opgave, met kernbegrippen als identiteit, cultuurhistorische waarde en innovatie. Vanuit deze invalshoek is water niet alleen een bedreiging, maar ook een kans en een kwaliteit met enorme mogelijkheden. De ruimtelijke en sociaal-culturele functie van water in relatie tot verstedelijking staat daarom in dit themanummer centraal.
Fransje Hooimeijer schetst in haar bijdrage de continu veranderende relatie tussen stad en water. Niet zelden zijn steden dankzij de nabijheid van het water tot bloei gekomen en hoewel zij zich lange tijd van het water hebben afgekeerd, hebben zij het herontdekt. Veel steden in Nederland – en daarbuiten – ontwikkelen bijvoorbeeld plannen voor het herstel van historische stedelijke waterlopen. Water in de binnenstad heeft van oudsher een grote betekenis voor de ontwikkeling, de identiteit en de kwaliteit van een stad. Veel historische waterlopen en binnenhavens zijn in de loop van de tijd gedempt, voornamelijk om het autoverkeer ruim baan te geven. Nu realiseren de steden zich echter de meerwaarde van het water voor het wonen, werken en recreëren. De ‘nieuwe’ historische waterlopen worden niet alleen ingezet voor de cultuurhistorische profilering van de stad. De heropening van gedempte grachten levert tegelijkertijd een belangrijke bijdrage aan de realisering van meer oppervlaktewater, wat in het stedelijk gebied noodzakelijk is. In dit nummer wordt hiervan een voorbeeld gegeven door middel van een impressie van het Apeldoorns Kanaal.
Een tweede belangrijke trend als het gaat om steden en water is de herontwikkeling van oude havengebieden en waterfronts. Amsterdam loopt hierin voorop met projecten als de IJ-oevers en IJburg. Hier doen zich spectaculaire ontwikkelingen voor, waarbij ook het opspuiten van nieuw land niet wordt geschuwd. Een schets van de ontwikkeling van IJburg is te vinden in dit themanummer. De ruime wateroppervlaktes in dit gebied dienen volgens de ontwerpers als compensatie voor het nagenoeg ontbreken van groen, maar ervaren de bewoners dat ook zo? En Kees Christiaanse laat in zijn artikel zien dat de herontwikkeling van waterfronts een belangrijke schakel kan vormen in de zoektocht naar een sterkere interne samenhang van het heterogene stedelijke gebied.

Water verkoopt
De herontdekking van het water blijkt ten derde uit de sterke opkomst van wonen aan het water. Sinds de jaren negentig worden vele nieuwbouwwijken voorzien van waterpartijen. Water verkoopt! Vaak is sprake van niet meer dan een slootje waar de achtertuinen aan grenzen. Alle beetjes helpen natuurlijk, maar waterlopen van nauwelijks een meter diep en zonder aansluiting op grotere waterpartijen zijn niet de oplossingen waar we het van moeten hebben. Interessanter zijn in dat opzicht de ontwerpen van de tentoonstelling Hollandse Waterstad, zoals de eerder beschreven Getijdenstad. Een ander boeiend ontwerp dat hier is gepresenteerd is de Kampense Vloedvlakte. In dit spel van land en water staan woningen op palen, of drijven ze, tot 50 centimeter boven NAP. De ondergrond is een moerassig overloopgebied dat water uit de nabijgelegen IJssel of overtollig regenwater opvangt. De landbouw kan gewoon worden voortgezet en de nieuwe natuurgebieden zorgen voor een spectaculaire en afwisselende woonomgeving.
Wonen op palen, drijvende woningen, amfibisch wonen: wat dat betreft kunnen we in de vijftien proeftuinen van het Ministerie van Verkeer en Waterstaat ons hart ophalen. Ook binnen het nationale project De Hollandse Waterlinie zijn veel mogelijkheden om nieuwe woon- en recreatievormen te ontwikkelen. In een interview met Paul Berends en Hans Renes is te lezen hoe deze voormalige verdedigingslinie, die zich uitstrekt van Muiden tot de Biesbosch, wordt herontwikkeld. Dit om het bijzondere cultuurhistorisch erfgoed te behouden, de linie in haar geheel weer zichtbaar te maken in het Nederlandse landschap en niet in de laatste plaats om het te combineren met slimme oplossingen voor waterberging. Als programmamanager bij het Projectbureau Nieuwe Hollandse Waterlinie weet Paul Berends als geen ander met welke uitdagingen en problemen het megaproject kampt en in welke richting de oplossingen gezocht moeten worden. Hans Renes plaatst het geheel in een cultuurhistorisch perspectief.
Eigenlijk is het zo bezien vreemd dat de ontwikkeling van nieuwe woonvormen op, in en aan het water in Nederland nog maar nauwelijks van de grond is gekomen. Nederland zou met haar historie van grote waterwerken toch bij uitstek de proeftuin moeten zijn voor innovaties op dit terrein. De redenen waarom drijvend wonen in Nederland tot nog toe niet zo'n hoge vlucht heeft genomen als mag worden verwacht, komen in het artikel van Ties Rijcken aan bod. Hij pleit er voor niet langer te wikken en wegen of drijvend wonen een antwoord kan zijn op de waterproblematiek, maar te bepalen onder welke omstandigheden een drijvende woonwijk een zinvolle aanvulling kan zijn op het stedenbouwkundig instrumentarium.
Een kijkje over de grens leert dat water ook heel andere sociaal-culturele vraagstukken met zich mee kan brengen. In een recensie van een publicatie van Erik Swyngedouw lezen we hoe grote delen van de stedelijke bevolking in Latijns-Amerika eenvoudigweg geen toegang hebben tot drinkbaar water. Swyngedouw gaat in op het hoe, wat en waarom van dit uitsluitingsproces. Hij maakt duidelijk dat water een machtsmiddel is en beschrijft de manier waarop bepaalde mensen, bedrijven en instellingen de ‘natuur’ in een stedelijke omgeving naar hun hand zetten om er zelf beter van te worden.
Tussen droom en daad staan wetten in de weg en praktische bezwaren: een gezegde dat je steeds weer te binnen schiet als je leest over de vele ambitieuze doelstellingen en de weerbarstige praktijk van de waterprojecten in Nederland. Soms lukt het wel, soms nog niet, maar één ding is duidelijk: het is tijd voor een andere manier van omgaan met ‘ons’ water. Een andere aanpak waarin ruimtelijke kwaliteit, innovatie en flexibiliteit centraal staan is essentieel. Zoals Wim Derksen het verwoordt in zijn column in dit nummer: “We moeten de strijd tegen het water opnieuw ter hand nemen, maar wel graag fundamenteel anders.”

Esther Juurlink is redacteur van AGORA.

Literatuurselectie
Baan, C. de & O. Koekebakker (2005) De Zondvloed, Catalogus Internationale Architectuur Biënnale. Rotterdam: Veenman drukkers.
Harms, E. (2005) Water biedt kansen. Interview met staatssecretaris Melanie Schultz van Haegen. Real Estate Magazine, nr. 42, pp. 6-10.
Godijn, J. & Z. Hemel (2003) Van watersysteem naar waterlandschappen. Stedenbouw en Ruimtelijke Ordening, nr. 4, pp. 6-9.

Inhoudsopgave Waterstad

Tussen droom en daad
Esther Juurlink
Water staat volop in de belangstelling en wordt vaak belicht vanuit het perspectief van beleid, techniek en beheer. AGORA stelt de ruimtelijke en sociaal-culturele functie van water centraal. Niet als bedreiging, maar als kans voor ruimtelijke kwaliteit.

De stad en de waterwolf
Fransje Hooimeijer
De Hollandse traditie van overleggen en consensus nastreven, de ‘poldercultuur’, is eeuwenoud en terug te voeren op de strijd tegen het water. De waterwolf leek bedwongen, maar klimaatsverandering stuurt af op een vrijlating.

Column: Nieuw verlangen naar water
Wim Derksen

Projectbeschrijving: Varen op de Veluwe
Thomas Boelaars

Waterfronten redden de urbaniteit
Kees Christiaanse
Voormalige havengebieden zijn vaak belangrijke ontwikkelingslocaties. De open ruimte, het historische decor en de menging van functies maakt ze tot een voedingsbodem voor urbaniteit, omdat ze sociale interactie stimuleren in een gefragmenteerde stedelijke samenleving.

Van woonboot naar waterwijk
Ties Rijcken
Drijvend wonen als antwoord op de klimaatverandering: het lijkt logisch, maar de praktijk is weerbarstig en complex.

Water in de Linie
Jikke Balkema
De Nieuwe Hollandse Waterlinie is een nationale schat. Ze verleent kwaliteit aan het landschap en de directe leefomgeving. Hoe inspireren de Nederlandse cultuurhistorie en het water ruimtelijke ontwikkelingen?

Projectbeschrijving: Vakantiegevoel op IJburg
Tineke Lupi

Boekrecensie: Natuur als koopwaar
Ben Derudder
Swyngedouw, E. (2004) Social Power and the Urbanization of Water: Flows of Power. Oxford: Oxford University Press.


Varia

Scannen, rondzwerven, verbeelden
Wouter Vanderstede
Kinderen ervaren ruimte anders. Spelende kinderen zien, gebruiken en verbeelden de omgeving als een totaalervaring. Dit perspectief is van onschatbare waarde voor ruimtelijk ontwerp, inrichting en planning.

Schuiven met studenten
Tamira Combrink
Studenten zijn jong, hip en op zoek naar woonruimte. De overheid onderkent ze als aparte doelgroep, maar gaat voorbij aan woningmarktontwikkelingen. Een beschouwing over woningnoodbestrijding en de politiek van verdeel-en-heers.

Ons kent ons?
Ton van der Pennen
Bewonersparticipatie heeft voordelen, maar kent ook valkuilen. Dit artikel schetst hoe bewoners betrokken raakten bij besluitvorming rond stedelijke vernieuwing en hoe hun invloed uiteindelijk geïnstitutionaliseerd werd. Dit kan de huidige praktijk van participatie inspireren.

Boekrecensie: Landstedelijk wonen
Lomme Devriendt
Dam, F. van et al (2005) De Landstad. Landelijk wonen in de netwerkstad. Rotterdam, Den Haag: NAi Uitgevers / Ruimtelijk Planbureau.

Scriptierecensie: Het belang van guanxi
Ilse van Liempt
Hung Wah Lam (2005), Chinese Identities, Cultural Criminality. Exploring A New Concept of Cultural Criminology by Analyzing the Influences of Chinese Culture on Deviant and Criminal Behaviour in the Context of Chinese Organized Crime, Human Smuggling and Social Networks. Universiteit Leiden, Faculteit Sinologie.